Authentieke vierkante zilveren noodmunt, uitgegeven in de zomer 1576 toen Zierikzee na acht maanden Spaans beleg zich overgaf aan de Spaanse veldheer Cristóbal de Mondragón. Mondragón eiste een boete van 100.000 gulden van de stad en haar inwoners. Omdat er geen geld was mocht ook zilverwerk ingeleverd worden. Zilversmeden smolten dat om en maakten er, door gebrek aan speciaal muntgereedschap, vierkante munten van. Vanwege het zilvergehalte waren deze munten evenveel waard als echt geld. Het Latijnse opschrift op deze zogenaamde Mondragón-daalder luidt in vertaling: ‘Zierikzee met de Spaanse koning verzoend, de 2e juli 1576’. Dat was de dag waarop Mondragón met zijn soldaten de stad binnentrok. De daalders werden gebruikt om achterstallige soldij te betalen, maar het ingezamelde bedrag was veel te weinig. De Spaanse huurtroepen deserteerden massaal, waardoor Mondragón al na vier maanden genoodzaakt was de stad te verlaten.