Categorieën

1650

Opzichters armband

Leren armband met ovaal geelkoperen plaatje waarop het woord VLOEDPLANKEN. Werd gedragen door de opzichter van de ploeg sterke mannen die bij dreigend hoog water de vloedplanken in de straateinden moest plaatsen.

Vervaardiger: onbekend
Vervaardigingsplaats: onbekend
Datering: 1850 tot 1950
Materiaal: messing leer
Afmeting: hoogte 5.1 cm, breedte 9.6 cm, lengte 48.0 cm
Objectnummer: 1650
Eigenaar: Gemeente Schouwen-Duiveland

Gerelateerde voorwerpen

Vloed en mest
In januari 1808 liep de vloed in Zierikzee zo hoog op dat het water over de havenkaden spoelde en in de achterliggende straten liep. Het poldergebied ten zuidoosten van de stad liep eveneens onder. Men nam een kloek besluit: er moesten vloedplanken komen die bij stormvloed in de doorgangen van de straten naar de Oude en de Nieuwe haven konden worden geplaatst. Ook de huizen op de kaden moesten waterkerend worden gemaakt. Bewoners kregen opdracht planken te maken die in de deuropening van hun woning konden worden gezet. Hoe dat eruitzag, illustreert de maquette.
Voor het plaatsen van vloedplanken in de straateinden werd een ploeg van twaalf tot zestien sterke mannen samengesteld. Ze oefenden regelmatig. Een van de mannen trad op als opzichter. Hij droeg de band met de tekst ‘vloedplanken’ om zijn bovenarm. Naden en kieren streken ze dicht met mest – in de binnenstad was dat meestal ruim voorradig omdat ook binnen de stadswallen paarden, runderen en varkens werden gehouden. De directeur gemeentewerken controleerde in het stormseizoen of er voldoende mest aanwezig was.
Soms – in 1911 bijvoorbeeld – voldeed het systeem, maar soms ook niet, zoals in 1906, toen veel kelders vol water liepen. Tijdens de watersnoodramp van 1953 bleken de planken te laag en te zwak. Op 18 september 1958 vond de laatste ‘schouwing der vloedplanken’ plaats. De keersluis in het Havenkanaal was bijna gereed; de vloedplanken werden overbodig.